|
Haring komt voor in kustzeeën tot een diepte van 200 meter. Overdag vormen ze grote scholen net boven de zeebodem of in diep water. In de avond gaan deze scholen naar het oppervlaktewater waar ze zich verspreiden gedurende de nacht. Haring kan 20 jaar oud worden en een lengte van 40 centimeter bereiken. In de praktijk zwemmen er echter zelfs al bijna geen zeven- of acht-jarige haringen meer rond. Ze voeden zich met planktondiertjes en vislarven die ze uit het water zeven met behulp van filters aan de binnenkant van hun kieuwen. Ze worden zwaar bejaagd door vogels, vissen en mensen. In 2002 kwam de haringstand voor het eerst weer uit de zorgwekkende toestand waar deze in de jaren negentig was beland. Er zijn meerdere populaties van haringen die op verschillende momenten paaien en ook andere verschillen op het gebied van vruchtbaarheid hebben. In de Noordzee leven drie hoofdpopulaties. Buiten het paaiseizoen leven de verschillende populaties door elkaar, maar gedurende het paaiseizoen verzamelt elke populatie zich op hun eigen paaigronden. De Buchan-Shetland haringen paaien in augustus en september voor de Schotse en Shetlandse kusten. De Doggersbank haringen doen dit in het centrale deel van de Noordzee van augustus tot oktober. De Southern Bight of Downs haringen paaien tenslotte in het Engelse kanaal van november tot januari. Hoe verder de paaigronden van een haring naar het zuiden liggen, hoe later er gepaaid wordt. Een vierde haringpopulatie paait in het voorjaar in de Oostzee en trekt daarna via het Skagerrak de Noordzee in. Het is deze populatie die de eerste maatjesharing levert, die tegen het einde van mei in het Skagerrak wordt gevangen. Deze verschilllende rassen haringen zien er vaak net iets anders uit, omdat ze bij een andere temperatuur en zoutgehalte uit het ei gekomen zijn. Zuiderzeeharing Ooit was er nog een vijfde populatie; de Zuiderzeeharing. Deze populatie gebruikte de toenmalige Zuiderzee (nu het IJsselmeer) als paaigronden en 'kinderkamer'. In het verleden zwommen deze haringen gedurende het voorjaar en de zomer de Zuiderzee in om te paaien. Vissers, dolfijnen, zeehonden en bruinvissen maakten gebruik van deze trektocht voor een waar jachtfestijn. De Zuiderzeeharing verdween toen de Afsluitdijk gereed kwam en het IJsselmeer ontstond. In 2006 werd de uitgestorven geachtte haring toch door de TX10 gevangen. De vissers herkennen de populatie aan de iets kortere en dikkere bouw. Ook heeft de Zuiderzeeharing minder wervels. Na de sluiting van de Zuiderzee hebben de populaties zich waarschijnlijk met andere haringpopulaties vermengd, waardoor ze niet helemaal uitgestorven zijn. Voortplanting in de Noordzee
De haring als consumptievis Wereldwijd gezien is haring de op vier na belangrijkste soort voor de visserij. Jaarlijks wordt er wereldwijd ongeveer 1,5 miljoen ton haring gevangen. Alleen de ansjovis, koolvis, de Chileense horsmakreel en de zilverkarper worden meer gevangen. Voor de Nederlandse vloot begint het haringseizoen eind mei, en loopt door tot in maart. Deze vloot vist vooral op de haring in de westelijke Noordzee en rond de Schotse eilanden. Het merendeel van de gevangen haring wordt verder bewerkt tot zure of ingeblikte producten. Slechts éénvijfde tot éénderde van de totale haringvangst kan worden verwerkt tot gezouten 'maatjes'-haring. Dit is haring die nog geen hom of kuit heeft gevormd. Het vetpercentage start bij ongeveer 15% en loopt in de periode van mei tot juli verder op. Hoe snel dit vetpercentage stijgt hangt af van de hoeveelheid dierlijk plankton dat voor de haring beschikbaar is. Vanaf 2009 krijgt alle maatjesharing het MSC-keurmerk. Dit keurmerk wordt toegekend aan vormen van visserij die voldoende rekening houden met de natuur en het milieu op zee. De haring die werd gevangen door de Nederlandse vloot voldeed al langer aan de eisen van dat keurmerk, maar de haring die werd aangevoerd door Deense en Noorse vissers nog niet helemaal.
Het paaibestand van de haring in de Noordzee bedroeg in 2003 meer dan 2 miljoen ton. Daarna zette een daling in. In 2007 werd het paaibestand op niet meer dan 1 miljoen ton geschat. De nieuwe jaarklassen zijn sinds 2003 steeds zwak. De oorzaak is onbekend. Visserijbiologen telden begin 2008 erg weinig haringlarven bij de paaigronden, wat erop duidt dat de dalende trend nog niet omgebogen is. Aangezien het paaibestand snel kleiner wordt, zijn de quota naar beneden bijgesteld. In 2008 is de TAC voor de hele Noordzee 130.000 ton en het quotum voor de Nederlandse vissers 40.000 ton. Haringscheten In de jaren tachtig en negentig maakten de Zweden jacht op mysterieuze onderzeeboten. De Zweeds-Russische relaties bleven gespannen omdat Zweden regelmatig geluid opving van onderzeeboten die niet te vinden waren. Na het uiteenvallen van het Oostblok gingen de geluiden echter gewoon door. Onderzoek bracht aan het licht dat het ging om het geluid van de 'scheten' van haringen. De vissen laten gas ontsnappen uit de zwemblaas. Op grotere diepte wordt dit geluid versterkt. Namen: Meer informatie over haring is te vinden op: Foto's van de haring: Haring in de (engelstalige) fishbase:
Bron: Informatie uit de De Vleet (EcoMare) |